Vijf btw-valkuilen bij internationaal zakendoen
Zodra uw facturen de grens over gaan, verandert btw van een routineklus in een specialisme. Dit zijn de vijf valkuilen die wij in de praktijk het vaakst tegenkomen.
1. De verleggingsregeling verkeerd toegepast
Bij B2B-diensten binnen de EU wordt de btw meestal verlegd naar de afnemer. Vergeet u de juiste vermelding op de factuur of het btw-nummer van de klant te verifiëren, dan ligt de naheffing bij ú.
2. Opgaaf ICP vergeten
Intracommunautaire leveringen en diensten moeten ook in de Opgaaf ICP. Wijkt die af van uw btw-aangifte, dan is dat voor de Belastingdienst een rode vlag, en voor buitenlandse diensten een reden voor vragen.
3. Afstandsverkopen en het éénloketsysteem
Verkoopt u aan consumenten in andere EU-landen, dan gelden drempels waarboven u buitenlandse btw verschuldigd bent. Het One-Stop-Shop-systeem maakt de afdracht eenvoudiger, maar alleen als u het op tijd en correct inricht.
4. Bewijs van uitvoer buiten de EU
Het nultarief bij export bestaat alleen op papier als u het kunt bewijzen. Vervoersdocumenten, uitvoeraangiften en betalingsbewijzen: zonder dossier geen nultarief.
5. Een vaste inrichting over het hoofd zien
Een magazijn, een lokale medewerker of zelfs een langlopend project kan in het buitenland een vaste inrichting opleveren, met lokale btw- en winstbelastingplicht als gevolg.
Voorkomen is goedkoper dan herstellen
Een btw-scan van uw internationale stromen kost een dagdeel en voorkomt naheffingen met rente en boetes. Plan een kennismaking en wij lopen uw facturenstromen met u door.